X Studenten(einde)raad?
Artikel gepubliceerd op 20 november 2019 om 15:00
De Studentenraad begon het jaar met 12 in plaats van 20 leden, ondertussen hebben ze met 15 leden al een onderscheiding    
© Kartoenist

Moeilijke start voor de Studentenraad

Door Jan Meeus

De Studentenraad begon onthoofd en uitgedund aan het academiejaar: vier leden gaven er de brui aan, inclusief de voorzitter. Ondertussen is er een nieuwe voorzitter, zijn er enkele extra leden en raken de studentenmandaten in andere VUB-organen stilaan gevuld. Hoe kunnen we een situatie als deze in de toekomst vermijden?

Het rommelt in de Studentenraad. Bij de verkiezingen van vorig academiejaar raakten maar zestien studenten verkozen voor de twintig zetels. Tot overmaat van ramp namen doorheen de zomer nog vier leden ontslag, waaronder de voorzitter, Otto Cartrysse. De Studentenraad begon het jaar dus zonder voorzitter en met twaalf in plaats van twintig leden.

Wat is er aan de hand?

De problemen met de VUB-studentenvertegenwoordiging zijn niet nieuw. Wel valt het dit jaar des te meer op door een samenloop van omstandigheden: weinig kandidaten bij de verkiezingen, het kiesreglement dat het soms moeilijk maakt om verkozen te geraken, en ten slotte de onverwachte ontslagen.

In het oude verkiezingssysteem (dat ondertussen gewijzigd werd, zie lager) werden twee kandidaten verkozen in elk van de acht faculteiten en vier in een universitaire kieskring. Doordat er in sommige faculteiten geen of minder dan twee kandidaten waren, bleven echter zetels leeg. Dat is jammer, want in andere faculteiten waren wel meer dan twee kandidaten, maar werden dus enkel de twee studenten met het hoogste aantal stemmen verkozen.

Een andere drempel in het systeem was dat 25 procent van de studenten in de kieskring moest stemmen om geldig verkozen te worden. Daarom moesten de verkiezingen in het verleden vaak meermaals met een week verlengd worden. In de faculteiten waar dat quorum alsnog niet gehaald werd, raakte niemand verkozen. Mede door dit systeem raakten vorig jaar dus maar zestien kandidaten verkozen. Daar kwamen dan nog de ontslagen bovenop. Deze waren om persoonlijke redenen (zoals stoppen met studeren, of naar een andere universiteit gaan), dus hebben niet te maken met de Studentenraad op zich.

Een breder probleem

Het verkiezingssysteem is één oorzaak, maar de problemen met studentenparticipatie zijn niet uniek bij onze universiteit. Er werd nog weinig onderzoek naar gedaan, dus het blijft voorlopig raden naar de reden waarom studenten er niet om geven. Het is al moeilijk om hen te overtuigen een minuutje de tijd te nemen om te stemmen, laat staan dat ze willen opkomen voor een mandaat. Volgens Otto hebben de studenten het gevoel dat er geen reden is om erbij te gaan “Er is geen groot probleem dat leeft bij de studenten. Je zou kunnen zeggen dat dat een goede zaak is, dat alles goed gaat. De Studentenraad is nog nooit zo populair geweest als vijf jaar geleden, toen ze het kotenbeleid heeft aangepast. Het jaar erop waren er zeer veel kandidaten. Eigenlijk zou de Studentenraad iedereen eens moeten kloten, door bijvoorbeeld de prijzen in de Resto met zes euro te verhogen (lacht).”

Die desinteresse is een pijnlijke vaststelling, want de VUB draagt studentenparticipatie hoog in het vaandel. Vertegenwoordiging van studenten in het beleid aan de VUB is al heel lang aanwezig. En die is ook niet symbolisch beperkt tot advies geven hier en daar. In elk VUB-orgaan zetelt tien procent studenten, met stemrecht. Daarnaast heeft de Studentenraad ook echte macht. Over sommige zaken geeft ze advies, maar in andere heeft ze beslissingsrecht. De raad beslist bijvoorbeeld zelf over de prijzen van onder andere studentenkamers en maaltijden in de Resto. Ze kan ook invloedrijk zijn in andere dossiers, bijvoorbeeld de cylcocross. Een goede studentenvertegenwoordiging kan dus echt het verschil maken voor de studenten.

Daarnaast is de ervaring die je als studentenvertegenwoordiger opdoet ook persoonlijk een verrijking. Vicerector Jan Danckaert ziet dat goede studentenvertegenwoordigers na hun studies ook mooie carrières maken. “In welke sector dan ook, wordt de ervaring die je opdoet als medebeheerder van de universiteit (want dat is het ook), erg gevaloriseerd door werkgevers.”

Wat nu gedaan?

Ondertussen werden in de Studentenraad de brokken gelijmd. Door de regels voor de samenstelling van de Stuvoraad, met name het genderevenwicht, konden twee extra jongens benoemd worden (met adviserende stem). Via een mandaat in de Academische Raad werd nog een Studentenraadslid van vorig jaar automatisch lid. De Studentenraad is nu dus met vijftien leden, waarvan dertien stemgerechtigd.

Op de laatste plenaire vergadering werd ondervoorzitter Sofie Férauge verkozen tot voorzitter. Quentin Lievyns neemt het ondervoorzitterschap van haar over. Ondanks het kleine team is de Studentenraad vrij representatief voor de studentenpopulatie, met een ook werkstudent en een internationale student onder de leden. Alleen de faculteiten Lichamelijke Opvoeding & Kinesitherapie (LK) en Letteren & Wijsbegeerte (LW) zijn niet vertegenwoordigd. De raad is ook gemotiveerd om er geen verloren jaar van te maken.

Naast die interne structuur moeten ook de mandaten in alle VUB-organen (Universiteitsraad, Academische Raad, Onderwijsraad...) opgenomen worden. Normaal wordt dat gedaan door Studentenraadsleden, maar dat is niet haalbaar met zo’n kleine groep. Daarom deden ze een oproep via Canvas om alle mandaten toch nog gevuld te krijgen. Bepaalde mandaten (zoals de zitjes in de Universiteitsraad) worden nu dus ingevuld door studenten die niet in de Studentenraad zetelen. Mogelijk is dat wel een manier om studenten meer te betrekken. “Het is nu eenmaal geen job die je met de helft van de leden kan doen,” legt kersvers voorzitter Sofie uit. “Ik wil de mensen die er nu bij zitten ook niet overbelasten. Dat motiveert niet om het meerdere jaren te doen, terwijl ik het zelf super interessant vind. Ik hoop dat de mensen die dit jaar in de Studentenraad zitten daar ook nog mee door willen gaan.”

Een nieuwe stem

Om ervoor te zorgen dat ze volgend jaar wel met twintig zijn, werd het kiesreglement gewijzigd. De opvallendste verandering is dat de verschillende kieskringen herleid worden tot één enkele. Alle twintig Studentenraadsleden worden dus uit dezelfde lijst verkozen, waardoor je ook op kandidaten van andere faculteiten kan stemmen. De kandidaten met de meeste stemmen achter hun naam zijn verkozen. Er moet wel van elke faculteit minimum één vertegenwoordiger verkozen worden. Van de faculteit Geneeskunde en Farmacie (GF), de enige op Campus Jette, worden automatisch twee leden verkozen om de vertegenwoordiging in Jette niet enkel op de schouders van één student te laten rusten. Als aparte campus worden zij bovendien wat benadeeld binnen het systeem van één grote kieskring.

Om meer studenten te laten stemmen en om ‘verkiezingsmoeheid’ onder studenten te vermijden, wordt de verkiezingsperiode herleid tot één week. Hierdoor is de campagne ook minder belastend voor de kandidaten. Door er een heuse ‘Election Week’ van te maken met allerlei evenementen, hopen ze meer aandacht en stemmen binnen te halen. Het minimum aantal stemmen wordt wel verlaagd naar twintig procent, maar dit is nog steeds uniek in Vlaanderen – het verplichte minimum is tien procent.

De grote uitdaging

Het nieuwe kiessysteem is een begin, maar de echte uitdaging ligt nog op de plank: de studenten overtuigen van het belang van de raad, en hen warm maken om zelf te participeren. Hen uitleggen wat ze er zelf bij te winnen hebben. Hopelijk kan de situatie dit jaar een wake-up call zijn – voor àlle studenten. Dit mogen we niet meer laten gebeuren, en we dragen er allemaal onze verantwoordelijkheid in. Hoe kunnen we verwachten van onze medestudenten dat ze ons goed vertegenwoordigen als we er zelf niet eens genoeg om geven om een stem uit te brengen? Het is onze verantwoordelijkheid als studenten om de macht die de universiteit ons geeft te gebruiken. With great power comes great responsability.