Verplicht maar niet bindend
Artikel gepubliceerd op 3 april 2018 om 22:28

© BXLeir

De oriëntatietoets voor opleidingen burgerlijk ingenieur en ingenieur-architect

Door Man Jeeus
Vanaf volgend academiejaar zullen studenten die zich willen inschrijven in de opleiding ingenieurswetenschappen of ingenieurswetenschappen: architectuur verplicht moeten deelnemen aan een niet-bindende toelatingsproef. Dat heeft de Vlaamse Regering beslist op voorstel van minister van Onderwijs Hilde Crevits. De bedoeling is dat studenten die voor deze opleidingen kiezen met realistische verwachtingen aan de start komen, en meer studiesucces kunnen boeken.

Deelname aan de proef is een voorwaarde om zich in te schrijven in de opleiding, maar het resultaat is niet-bindend. Dat wil zeggen dat wie niet slaagt voor de proef nog steeds toelating krijgt tot de opleiding. Wel kan de instelling bij een lage score op de proef een remediëringstraject opleggen. Wat is het doel van deze niet-bindende toelatingsproef en waarom komt hij er nu? Wat is het standpunt van de VUB? Hoe zorgen we er voor dat zo weinig mogelijk mensen uit de boot vallen? Naar welke richtingen zal de toets de komende jaren uitbreiden? En worden er volgend academiejaar minder inschrijvingen verwacht aan de Faculteit Ingenieurswetenschappen?

Niet uit de lucht gevallen

Het verplicht maken van de (tot nog toe vrijblijvende) ijkingstoets wiskunde voor ingenieurs (die al een vijftal jaar wordt georganiseerd) komt niet uit de lucht gevallen. “Het kadert in een brede evolutie die we sinds enkele jaren zien, die er naar toe gaat dat er een betere begeleiding komt van de studiekeuze door studenten in het middelbaar onderwijs, waarvan de ijkingstoets één element is. Maar tegenover dat beter aanbod staat ook een minder vrijblijvend engagement van de studenten (in spe)”, zegt Stefaan Caenepeel, decaan van de Faculteit Ingenieurswetenschappen.

"Wij doen er alles aan om dat allemaal zo comfortabel mogelijk aan te bieden, zodat er zo weinig mogelijk mensen uit de boot vallen"

Stefaan Caenepeel, decaan Ingenieurswetenschappen

“Hoe dat juist moet geïmplementeerd worden is een heel gevoelige zaak. De nomenclatuur die de laatste jaren door de universiteiten is gehanteerd was ‘ijkingstoets’, in het regeerakkoord stond ‘toelatingsproef’, wat de lading niet dekt”, aldus Caenepeel. “Maar het ligt zo gevoelig dat het niet veranderd kon worden. De benaming is ‘verplichte niet-bindende toelatingsproef’. Je ziet meteen dat daar een aantal visies achter zitten die loodrecht op elkaar staan”.

In de Vlaamse Interuniversitaire Raad (VLIR) spreken ze liever van de ‘ijkingstoets’. Volgens vicerector Onderwijs- en Studentenbeleid Jan Danckaert zegt die term ook duidelijker wat het is, namelijk “een instrument om aan te tonen wat het gevraagde startniveau is voor een opleiding, en hoe je daar als toekomstige student tegenover staat.”

Geen selectie aan de poort

Vicerector Danckaert is in principe geen voorstander van de niet-bindende toelatingsproeven. “Maar gezien het in het regeerakkoord staat, en de minister het uitvoert, proberen wij de maatregelen zo goed mogelijk te implementeren, met een zo goed mogelijke begeleiding, zoals we via het StudieBegeleidingsCentrum al sinds tientallen jaren doen aan de VUB”, aldus de vicerector.

Studentenvertegenwoordigers voor de Faculteit Ingenieurswetenschappen zijn unaniem tegen verplichte niet-bindende centrale ijkingstesten. Volgens hen is dit een stap in de verkeerde richting. “De richtingen die onderworpen worden aan deze ijkingstesten zijn de richtingen die de grootste vraag hebben op de arbeidsmarkt. Een extra filter plaatsen op deze opleidingen lijkt ons dus de verkeerde aanpak”, zeggen studentenvertegenwoordigers Lise Vermeersch, Wouter Kuijk en studentenraadsvoorzitter Daniel Van Den Broecke. Zij vrezen voor veel ‘false negatives’ (studenten die  niet slagen op de ijkingstoets, maar later wel slagen in de opleiding, n.v.d.r.) en vinden elke kandidaat student ingenieur met de juiste capaciteiten, die vanwege een negatief resultaat op de ijkingstoets opteert om een andere opleiding te volgen, een zonde voor onze maatschappij.

"Je ziet meteen dat daar een aantal visies achter zitten die loodrecht op elkaar staan"

Stefaan Caenepeel

De VUB draagt het principe ‘geen selectie aan de poort’ hoog in het vaandel en er heerst een grote terughoudendheid voor dit type initiatieven. “Maar wij doen er alles aan om dat allemaal zo comfortabel mogelijk aan te bieden, zodat er zo weinig mogelijk mensen uit de boot vallen”, zegt decaan Caenepeel.

Lauwe soep  

Afhankelijk van het resultaat op de toets kan de universiteit dus een remediëringstraject opleggen. Volgens vicerector Danckaert is de VUB daar volop mee bezig. “Als we dat willen opleggen aan studenten, moeten we daar natuurlijk het kader voor creëren in ons onderwijs- en examenreglement. Het is trouwens zonder veel discussie door de Studentenraad en de Onderwijsraad goedgekeurd, dat zo’n remediëringstraject opgelegd kan worden.” De vicerector wacht nu op voorstellen van de Faculteit Ingenieurswetenschappen over wat zij willen aanbieden qua remediëringstraject.

Stefaan Caenepeel, decaan van de Faculteit Ingenieurswetenschappen, vertelt wat er ongeveer zit aan te komen. “Om te beginnen is er een voorbereidingstraject. Er worden dit jaar al vier woensdagnamiddagen aangeboden met voorbereidingsactiviteiten om aan de ijkingstoets deel te nemen. Waaronder het bespreken van vragen van vorige jaren. Verder is er ook de voorbereidende brugcursus in de maand september.”

Wat als studenten toch niet hebben deelgenomen? “Ook daar zal de soep niet zo heet gegeten worden als dat ze wordt opgediend”, zegt Caenepeel. “Er zullen nog modaliteiten worden afgesproken tussen de verschillende universiteiten. Bijvoorbeeld studenten die ziek waren, of aan een andere ijkingstoets hebben deelgenomen, bijvoorbeeld het toelatingsexamen geneeskunde of militaire school, of voor ingenieur in het Frans landsgedeelte, die kunnen wij toelaten, ook als ze niet hebben deelgenomen. En wij zullen daarin soepel zijn”, aldus Caenepeel.

"Ook daar zal de soep niet zo heet gegeten worden als dat ze wordt opgediend"

Stefaan Caenepeel

Wat met studenten die de cesuur niet halen? Ondanks dat de ijkingstoets volgens Caenepeel een beetje een uitdagende toets is, waar je heel veel plezier aan kan beleven als je die oplost, geeft die toets nogal wat valse negatieven, studenten die eigenlijk wel goed zijn, maar die daar toch de cesuur niet halen. “Wat wij dan aanbieden is de pretoets (die aan de VUB al bestaat voor wiskunde, fysica en chemie, n.v.d.r.) die echt peilt naar de basis. Naar een aantal vaardigheden, die als men ze niet heeft, de ervaring uitwijst dat een comfortabel traject er daar niet meer in zit”, aldus Caenepeel. Die toets zal dus eerder vals-positieven hebben.

Gevoelige toetsen

De volgende opleidingen die in het vizier liggen van de minister zijn in de eerste plaats alle STEM-gerelateerde opleidingen (Science Technology Engineering Mathematics). “De ijkingstoetsen voor andere opleidingen bestaan reeds en worden aangeboden, maar niet aan de VUB”, aldus Caenepeel. In de humane wetenschappen hebben we nog van geen enkel concreet initiatief gehoord. “Er zijn voorstanders van een ijkingstoets voor de richting Economische Wetenschappen, maar voorlopig stappen wij niet mee in die verhalen”, zegt vicerector Danckaert. Voor alle richtingen ziet hij dat er niet van komen, “omdat, en daar delen alle universiteiten wel een bezorgdheid, voor je instapt in zo’n verhaal, moet die toets een gevalideerd instrument zijn. Voor burgerlijk ingenieurs was er een lange traditie dat testen op wiskunde een goede predictor is voor het slagen voor de opleiding, maar voor andere opleidingen is er niet zo’n eenduidige toets”, aldus Danckaert.

Het is afwachten wat de invloed van de verplichte toets zal zijn op de inschrijvingen aan de Faculteit Ingenieurswetenschappen. Decaan Caenepeel denkt niet dat de (niet-verplichte) ijkingstoets die al gedurende een vijftal jaar wordt georganiseerd samen met Leuven en Gent een invloed heeft gehad op het inschrijvingsgedrag van studenten. Ook vicerector Danckaert verwacht niet meteen een groot effect. “Net zo min als er bij het afschaffen van de toelatingsproef (voor burgerlijk ingenieurs begin jaren 2000, n.v.d.r.) ineens veel meer inschrijvingen waren.”

Kortom, de niet-bindende toelatingsproef voor ingenieurs ligt (op de VUB) erg gevoelig. Er zijn allerlei bedenkingen bij te maken. Aangezien het in het regeerakkoord stond, en de minister het uitvoert, komt de toets er hoe dan ook. Het komt er nu op aan voor de VUB om te zorgen dat er zo weinig mogelijk potentiële ingenieurs uit de boot vallen. Waar ze overigens alles aan doen, door middel van allerlei voorbereidingsactiviteiten voor de toets, en begeleiding achteraf. De invloed op de inschrijvingen bij de Faculteit Ingenieurswetenschappen is nog af te wachten, maar daar heerst geen grote bezorgdheid. Voorlopig stapt de VUB overigens niet mee in het verhaal om de niet-bindende toelatingsproef uit te breiden naar andere opleidingen.