De eigenaardige erkenning
Artikel gepubliceerd op 14 maart 2018 om 13:04

© Alan Jockmans

Het wel en wee van de erkende verenigingen op de VUB

Door Alan Jockmans

“Student zijn, is meer dan studeren alleen”, zo luidt de riedel van menig verenigingsstudent. Duizenden jongelingen kruiden hun bestaan op de VUB met het lidmaatschap van een studentenkring. Hetzij van facultaire, regionale, politieke, thematische of culturele aard. Onze universiteit telt meer dan veertig erkende verenigingen, maar hoe wordt zo’n studentenvereniging nu erkend en wat is de betekenis van zo’n erkenning? 

Twintig februari was een mooie dag voor Bru:tecture, de nieuwe studiekring der ingenieur-architecten aan de VUB. Op haar plenaire vergadering verleende de Studentenraad na stemming een zogenaamde ‘gewone erkenning’ aan de nieuwe organisatie, die nu de 44ste officiële studentenvereniging vormt van de VUB. De extreem-linkse organisatie Vonk was daarentegen minder fortuinlijk. Aangezien geen enkel lid van deze vereniging aanwezig was op de vergadering kregen de marxistische studenten voor de derde maal op rij geen erkenning van de Studentenraad, maar werd de stemming uitgesteld naar een volgende zitting. Bovendien bleek dat er nog enkele bezwaren zijn tegen de erkenning van Vonk, in de eerste plaats omdat ze niet zouden voldoen aan de waarden van het vrij onderzoek en van de VUB in het algemeen.

Brusselse Studenten Gendarmerie

Een erkenning op de VUB wordt dus niet zomaar toegekend aan eender welke vereniging die een aanvraag indient. Wanneer een organisatie de begeerde erkenning wilt bekomen, moet zij om te beginnen een aanvraag indienen bij het Brussels Studentengenootschap (BSG). “In hun aanvraag moeten verenigingen minimumstatuten opstellen”, vertelt voorzitter Arnaud Moeykens. “Deze moeten voldoen aan bepaalde minimumvoorwaarden die zijn opgesteld in de Codex Studentenleven, zoals bijvoorbeeld de doelstellingen van de kring en het onderschrijven van de waarden van het vrij onderzoek. Daarna beoordeelt het BSG de aanvraag en wordt deze opgestuurd naar de Studentenraad, die de erkenning vervolgens al dan niet goedkeurt.” Moeykens benadrukt dat het BSG in dit alles verder enkel een adviserende functie heeft en dus zelf niet over de erkenning beslist.

“Een vereniging gaat na haar erkenning door een proefperiode van drie jaar, waarbij ze wel al gratis gebruik kunnen maken van bepaalde VUB-faciliteiten zoals leslokalen. Vanaf het vierde jaar ontvangt de kring ook subsidies van de VUB.” Er hangt dus ook een financieel kaartje aan een erkenning vast. Het hoeft dus niet te verbazen dat het kringbestuur dus ook bepaalde voorwaarden en verantwoordelijkheden heeft. “Elk jaar moet een activiteitenverslag worden opgestuurd naar het BSG. Onze bevindingen hierover worden dan doorgestuurd naar de Studentenraad. Wij hebben een controlerende, bemiddelende en adviserende functie, maar wij kunnen geen beslissingen nemen of een oordeel vellen. Het BSG is dus in feite eerder politie dan rechter. Wat we ook adviseren, de Studentenraad heeft steeds het laatste woord."

Vonken en VO

Hoewel de Studentenraad de uiteindelijke beslissingsmacht heeft, hecht zij veel belang aan het oordeel van studiekring Vrij Onderzoek (VO) in erkenningsdossiers. Het onderschrijven van de waarden van het vrij onderzoek, en daarmee dus ook die van de VUB, is een belangrijke, zo niet de belangrijkste voorwaarde waaraan een vereniging dient te voldoen, maar wat houden deze waarden nu precies in? Dat is een vraag die dit academiejaar sterk naar voren kwam bij de erkenningsprocedure van de marxistische studentenbeweging Vonk. Op papier voldeed de vereniging in haar eerste aanvraagpoging net aan de minimumvoorwaarden, maar ze kon in de praktijk maar moeizaam stand houden bij de kritische vragen van de Studentenraad. Men was er op basis van de ingediende aanvraag namelijk niet van overtuigd dat Vonk in staat zou zijn het vrij onderzoek te onderschrijven. Zo keurde de vereniging bijvoorbeeld openlijk de agressieve acties van extreem-linkse, niet-VUB studenten goed die in maart vorig jaar de lezing van Theo Francken op onze universiteit verhinderden. Alle andere (ook linkse) kringen keurden deze belemmering van de vrije meningsuiting net sterk af. De erkenning werd uiteindelijk niet toegekend aan Vonk, al kreeg de vereniging wel de kans om haar aanvraag aan te passen. Vonk pikte dit niet en plaatste een tegenreactie op sociale media, omdat zij in hun ogen wel degelijk voldeden aan de gestelde voorwaarden. In een tekst die zowel via flyers als op Facebook werd verspreid, stelde de vereniging de legitimiteit van het erkenningssysteem in vraag. Ze vonden dit te arbitrair, te vaag en teveel voor interpretatie vatbaar en dat hun erkenning daarom onterecht werd afgekeurd. Sterker nog, ze vonden dat elke erkenningsaanvraag meteen zou moeten worden goedgekeurd.

"Het BSG is meer politie dan rechter"

Arnaud Moeykens, Voorzitter BSG

Laura Berthoud, voorzitter van studiekring Vrij Onderzoek, begrijpt waar het ongenoegen van Vonk vandaan komt. “Het is voor buitenstaanders inderdaad niet heel duidelijk wat het vrij onderzoek precies inhoudt. We hebben binnen VO dan ook besproken hoe we meer duidelijkheid kunnen scheppen en hebben Vonk ook uitgenodigd om hierover te praten. Het vrij onderzoek valt nu eenmaal moeilijk te definiëren en laat zich niet in bepaalde regeltjes vastleggen.Te veel regeltjes zouden het vrij onderzoek net belemmeren in haar werking. Er is dus enige ruimte voor interpretatie nodig.”

De exacte betekenis van het vrije onderzoek wordt nergens precies omschreven. Ook in de Codex Studentenleven wordt het begrip niet verder gespecificeerd. Voor buitenstaanders is het daarom niet eenvoudig om het principe volledig te vatten. De meeste VUB-ers houden er meestal hun eigen definitie op na. Vaak wordt ook verwezen naar de fameuze uitspraak van Pointcarré (“Het denken mag zich niet onderwerpen…”) die onze universiteit als catchphrase gebruikt om haar ideologische grondvesten te benadrukken naar de buitenwereld toe. Het organiek statuut van de VUB zelf beschrijft dat het onderzoek steeds vrij moet zijn en ten behoeve moet staan van de vooruitgang en de mensheid.

Binnen VO werd er wel al nagedacht op welke manier er voor toekomstige verenigingen meer duidelijkheid kan worden geschept. “Het zou goed zijn om eventueel wel een paar basisvoorwaarden op te stellen rond het naleven van het vrije onderzoek”, vertelt Laura. “Nu is het eerder een kwestie van aanvoelen dan van objectief oordelen. Enkele criteria zouden bijvoorbeeld kunnen zijn: het verwerpen van geweld, het in vraag kunnen stellen van de eigen mening en het aanvaarden van die van een ander. Het is ook op basis van die zaken dat we ons vragen stelden bij de erkenningsaanvraag van Vonk.”

Rode coalitie

Het is niet zelden dat er vragen gesteld worden bij de onderschrijving van het vrij onderzoek bij politieke kringen zoals Vonk. Er zijn dan ook maar vier erkende verenigingen met een uitgesproken politieke agenda. Het Liberaal Vlaams StudentenVerbond (LVSV) en het marxistische Comac zijn de grootste. Verder zijn er nog Jong Groen en de Jongsocialisten. Doorheen de geschiedenis van de VUB zijn er al veel politieke kringen gekomen en gegaan. Opvallend is dat de Nationalistische StudentenVereniging (NSV!) hier nooit een erkenning heeft weten te bekomen, terwijl de kring op andere universiteiten wel een sterke aanhang kent. De uitgesproken rechtse vereniging is niet onbesproken vanwege haar conservatieve standpunten rond onder andere migratie en Vlaamse onafhankelijkheid en botste net als Vonk steeds op het struikelblok van het vrij onderzoek.

"De VUB is een extreem-links bolwerk gebleven"

NSV!

Al sinds eind jaren ’70 probeert NSV! een erkenning te bekomen op de VUB. In deze tijd waren er veel meer politieke verenigingen aanwezig op de campus die een groot ledenaantal genoten. Hoe groot NSV! destijds was is niet duidelijk, maar zij hebben meermaals een aanvraag tot erkenning ingediend. In de toenmalige Sociale Raad, nu de Studentenraad, hadden de linkse verenigingen ALS (Actief Linkse Studenten) en MLB (Marxistische en Leninistische Beweging) echter een meerderheid. Het is dus niet verbazend dat de nationalistische studenten geen erkenning bekwamen. De sfeer tussen links en rechts was toen vrij grimmig en het kwam zelfs tot gewelddadige opstootjes. Tot op heden heeft NSV! nooit een erkenning bekomen op de VUB.

“De NSV! is al sinds de jaren 1980 in Brussel actief, zij het natuurlijk met hoogtes en laagtes”, laat de studentenvereniging ons via mail weten. “Het is wel zo dat de VUB voor onze vereniging steeds de minst vriendelijke universiteit is geweest en dat er een ander klimaat heerst.” NSV! ervaart dat het universitaire landschap elders opener is tegenover de vereniging dan vroeger: “ De universiteiten hebben ingezien dat NSV'ers uiteindelijk ook gewone studenten zijn die een deel van hun vrije tijd opofferen voor hun politieke idealen. De VUB is echter een extreemlinks bolwerk gebleven.” De vereniging sluit niet uit dat er in de toekomst nog erkenningsaanvragen zullen komen. “NSV! meer aanwezig aan Odisee dan aan de VUB. Desalniettemin hebben we verschillende VUB-studenten onder onze leden. Er zijn zeker plannen om ook hier opnieuw een sterkere aanwezigheid uit te bouwen.”

Geen erkenning na de dood

Studiekring Vrij Onderzoek heeft zich voorgenomen om meer toe te kijken op het naleven van de waarden van de VUB. Ook reeds erkende verenigingen kunnen over de schreef gaan. Een erkenning wordt daarom niet meteen ingetrokken. Daarover beslist opnieuw de Studentenraad pas in laatste instantie. Het gebeurt echter zeer zelden. De laatste vereniging die haar erkenning verloor was de Actief Linkse Studenten. Het ging hier echter niet om een ideologisch geschil, maar over een administratief geschil: de kring had het verschillende jaren nagelaten om haar jaarverslag in te dienen bij het BSG. In eerste instantie leidde dit tot het verlies van subsidies, maar door het langdurig verzuim werd uiteindelijk de erkenning ongedaan gemaakt. De vereniging stelde ook niet veel meer voor op dat ogenblik. Hoewel de ALS ooit één van de grootste politieke verenigingen was, had ze tegen de jaren ‘90 bijna geen leden meer. De vereniging bestaat nog steeds, hetzij zonder erkenning op de VUB.