IT op de VUB
Artikel gepubliceerd op 19 oktober 2017 om 14:44

© Zwanzer

Door Zwanzer
Dat de online platformen van de VUB op zijn zachtst gezegd redelijk eigenaardig zijn, is bij menig VUB-student reeds bekend. Voor nieuwe studenten zal het omgaan met deze virtuele moddersoep dan ook de eerste intellectuele opgave van hun academische carrière vormen. De Moeial zocht uit wie er achter de bits en de bytes van Pointcarré, Oracle en MY.VUB zit en stuurde er haar beste journalistieke meesterbrein Zwanzer eropaf.

In een tijd waarin de informatica geen grenzen meer kent en computers niet meer weg te denken zijn uit ons dagelijks bestaan, heeft de online leeromgeving het academische landschap geheel veroverd. Héél het academische landschap? Nee, één universiteit in de hoofdstad van een klein koninkrijk aan zee blijft moedig weerstand bieden tegen elke vorm van efficiënt IT-beleid. Dat de ICT-omgeving van de VUB een meer belabberde reputatie heeft dan de herentoiletten in de BSG-zaal is een understatement. Studenten kunnen er maar niet aan uit en ook bij het personeel vormt het een bron van ergernis. Hoog tijd dus om de virtuele VUB uit te spitten met de spade der nieuwsgierigheid, de wroetende feitenwormen uit de omgewoelde grond te trekken en aan de onwetende student te voeren. Hoe zit het met de IT op de VUB?

Dienst ICT is LUI

Om meer inzicht te krijgen in  de werking van de online platformen van de VUB maak ik een afspraak met Arcène Vandermeulen van de dienst LUI (Lokale Universitaire Informatica, nvdr.) in gebouw M. In de gang kom ik hem al tegen met een muizenval vast. Knaagdieren vormen blijkbaar een echte plaag in het gebouw.  Ze bijten de netwerkkabels en adapters van de computers stuk en knabbelen aan de boterhammen van de personeelsleden. “Vroeger hadden we hier een kat die het probleem onder controle hield”, spreekt Vandermeulen me toe. “Maar op politiebevel moesten we die teruggeven aan haar rechtmatig baasje.” Samen stappen we het lokaal binnen van LUI. Het is sober, doch zakelijk ingericht en aan de muur hangen enkele verkleurde krantenknipsels die over de VUB-informatica handelen. Binnen prijken zeven computers met grommende koelingssystemen, waaraan vier mensen hard aan het werken zijn. Een vijfde persoon speelt een spelletje Tetris. Met z’n zevenen houdt men hier de online platformen van de VUB draaiende. Daar is men duidelijk trots op. De logo’s van MY.VUB en Pointcarré prijken fier op de mokken in het schap boven het koffiezetapparaat, waarvan het gepruttel zacht boven het gezoem van de PC’s uitstijgt.

“Wij werken al dertig jaar bij LUI. Vroeger waren we met acht, maar ons Maria is niet meer teruggekomen na een tragische ongeval met het kopieerapparaat.” Vandermeulen is IT’er van het eerste uur en weet nog goed hoe de eerste computer op de VUB toekwam. “Dat was in ’81. Wij stonden toen ‘s ochtends allemaal te kijken naar hoe de camion dat spel hier kwam leveren. Ik had toen nog nooit van mijn leven zoiets gezien dus het was wel wat uitproberen alvorens we ermee overweg konden. De handleiding was helaas geheel in het Engels geschreven, maar die computer was wel indrukwekkend. U moet zich een grote doos voorstellen met daarin een groen schermen een bak eronder. Zéér degelijk en duurzaam materiaal! We gebruiken die nu nog altijd voor het grootste deel van het programmeerwerk. Voor de aankoop van die computer gebeurde alles nog op papier. In het begin was die overschakeling wel lastig. Zo heeft het toch vijf jaar geduurd vooraleer men ons vertelde dat we speciale toetsenborden moesten aankopen om met de computer te werken en dat we onze oude typmachines dus niet konden blijven gebruiken. Dit betekende wel een logistieke verbetering: het was lastig en tijdrovend om alles wat op dat scherm stond steeds over te typen op papier. Maria had nog geëxperimenteerd om dat via het fotokopieerapparaat te doen, maar dat is helaas faliekant afgelopen.”

"zes op de tien apen konden probleemloos hun punten raadplegen"

Valère Serlippens

Selfserviceservice

Eén van de belangrijkste online platformen is ongetwijfeld de SelfService Oracle voor studenten. Zowel de inschrijvingen als vakkenregistraties en studietrajectopvolging gebeuren via deze weg. Een digitaal hoogstandje is dit platform evenwel niet. Ze heeft het webdesign van een louche streamingsite en is zo chaotisch, frustrerend en slecht opgesteld dat zelfs de VUB er moeilijkheden mee heeft. Oracle heeft een slechte reputatie bij de studenten en dat vindt men bij LUI niet fijn. “Dat doet ons pijn zoiets te horen, mijnheer de Moeial. De mensen doen tegenwoordig niet anders dan klagen en zagen, maar niemand staat stil bij al het harde werk dat wij hier dag in dag uit verrichten om alles draaiende te houden. Wij hebben de rook-, eet- en plaspauzes al met 37% procent moeten verkorten en dan moeten we soms nog tot kwart na vier doorwerken! Geen respect hebben noem ik dat! De herexamens van de studenten waren naar het schijnt ook chaotisch, frustrerend en slecht opgesteld, maar hoort u ons daarover klagen?” aldus Vandermeulen. Valère Serlippens, ook werkend in LUI, was belast met het ontwikkelen van de SelfService. “Dat was toen een hele opgave maar ik ben toch gelukkig met het eindresultaat. Ik heb daarvoor toen een schriftelijke cursus IT en webdesign gevolgd en zeker een half jaar aan dat platform gewerkt. Ik vind bovendien dat de universiteit een pluim moet krijgen voor het feit dat ik, ondanks mijn ernstige visuele handicap, toch een dergelijk project kreeg toevertrouwd. Dat studenten niet met mijn site overweg kunnen is mijn schuld niet. Testen in het animalarium van de VUB hebben overigens uitgewezen dat zes op de tien apen probleemloos hun punten konden raadplegen zonder zichzelf daarbij ernstig te elektrocuteren.”

Punt vierkant punt

Pointcarré is eveneens onontbeerlijk voor de student. In menig Brussels zoekgeschiedenis vormt Pointcarré, naast Pornhub, de belangrijkste zoekopdracht met een ‘P’.  Via Vandermeulen kom ik te weten dat dit platform eigenlijk het werk is van een student die de creatie ervan als bachelorproef gebruikte. Ik kom in contact met Gregory Van Wontergem, die aan de wieg stond van de site. Hij moet toevallig in Brussel zijn om een gratis zak cement op te halen voor zijn verbouwing en we spreken af in mijn stamcafé ‘De Schijtpoort’. “Ik ben feitelijk bij LUI terechtgekomen als jobstudent”, zegt Gregory. “Ik had geld nodig om mijn Beemsterkaasverslaving te financieren en zag het wel zitten om mee te werken aan hun project. De bedoeling was dus een platform te creëren waarmee professoren met studenten kunnen communiceren en waarop documenten en lespresentaties gedeeld kunnen worden. Dat van die presentaties vond ik een heel goed idee, want ik ging zelf toch nooit naar de les. En ja, op aanraden van de mensen van LUI heb ik dat dan ook als bachelorproef gebruikt. Helaas haalde ik, ondanks de merkbare steun van mijn collega’s, slechts een vier op twintig. Ik kreeg de commentaar dat Pointcarré verschillende mankementen vertoonde en dat de servers maar een beperkte capaciteit hadden. Verder zag de jury niet in wat het online platform in godsnaam te maken had met ‘migratiestromen naar West-Europa in de 17de en 18de eeuw’.” Op de vraag of hij nog steeds actief is in de IT antwoordt Gregory: “Ik ben na mijn studies Geschiedenis iets helemaal anders gaan doen en heb nu mijn eigen vleesverwerkend bedrijf. Af en toe bellen ze mij wel als er weer iets misloopt. Vorig jaar is dat twee keer gebeurd. Wat wil je als ze zo met die site hebben zitten knoeien: examenregistraties en dergelijke, dat is daar niet voor gemaakt! Dat is om problemen vragen. Ik weet trouwens ook niet wat ze daar hebben uitgespookt, maar al die draden waren kapot. Als vleesverwerker weet je dan hoe laat het is: muizenplaag. Ik heb er zelf een honderdtal meegenomen om in mijn chickennuggets te draaien, maar dat heeft niet geholpen. Als u het mij vraagt is dat daar gewoon een bende IT-amateurs”

"Het personeel kreeg op een gegeven moment zelfs de richtlijn geen boterhammen met kaas of eiersalade meer mee te brengen"

Wilfried Moermans

Ja, het niveau kan nog dalen

Het is opmerkelijk voor een platform dat elke twee dagen plat ligt wegens onderhoud dat er toch grote problemen kunnen optreden. Vorig jaar zaten de studenten van faculteit RC tot tweemaal toe met de handen in het haar toen Pointcarré het tijdens hun examenregistratie liet afweten. Verschillende rechtenstudenten vonden dat ze geen eerlijke kans op een eerste zit kregen en ondernamen juridische stappen, maar de enkelen die dit niet op de juiste manier deden buisden alsnog. In dergelijke crisissituaties schiet er een andere dienst in werking die een onafhankelijke positie heeft tegenover LUI.  De kerngroep Online Technical Solutions (kortweg kOTS) werd opgericht om grote informaticaproblemen aan te pakken. Ook vorig jaar moesten zij ervoor zorgen dat Pointcarré werd gereanimeerd. Wilfried Moermans van kOTS wil ons ontvangen. Hij heeft zo zijn bedenkingen bij de werking van LUI en hoe zij problemen aanpakken. Moermans: “Officieel viel Pointcarré vorig jaar uit door een overbelaste server, maar in werkelijkheid ging het om een veel groter probleem, waarvan het hele rectoraat slachtoffer is. U weet het misschien niet, maar wij zitten hier met een muizenplaag. Hoe dat gekomen is weet ik niet, maar ik heb van horen zeggen dat Yvonne van LUI erbij betrokken is. Zij zou vorig jaar haar muisjes hebben laten zien aan iedereen en die moeten toen ontsnapt zijn. U weet hoe dat gaat met die beesten hé: dat kweekt gelijk konijnen. Hoe dan ook knabbelen die muizen hier alles kapot. Het personeel kreeg op een gegeven moment zelfs de richtlijn geen boterhammen met kaas of eiersalade meer mee te brengen, want dat hebben ze het liefst. We hebben er natuurlijk meteen de dienst Muisvesting bij gehaald maar dat heeft weinig geholpen. Een vriendelijke mens heeft er zelfs een honderdtal meegenomen om ze via een asiel een betere thuis te bezorgen. Het grote probleem van overbemuizing bleef echter bestaan. Het was dus een kwestie van tijd of die muizen zouden de servers van Pointcarré onklaar maken. Ze nestelen zich in de servers en bijten daarbij soms draden stuk. Die nesten moeten dus regelmatig worden verwijderd. Daarom wordt Pointcarré regelmatig offline gehaald wegens onderhoud. Als dat onderhoud niet gebeurt, ja, dan krijg je problemen hé.”

De digitale toekomst

Gregory noch Wilfried hebben vertrouwen in de toekomst van de ICT-omgeving van de VUB. “De incompetentie van LUI neemt exorbitante proporties aan! Zolang er muizen zijn zal er weinig verbetering komen in de online platformen”, aldus Gregory. Toch zijn er wel degelijk stappen tot verbetering ondernomen. Vorig jaar nog werd de Webmail van de VUB opgenomen in het Office365 programma en de mogelijkheden van dit medium zullen worden uitgebreid. “Het is enkel jammer dat Pointcarré binnenkort zal verdwijnen. We hebben daar lang en graag mee gewerkt.”, klinkt het bij LUI. “Maar de opvolging is verzekerd! Binnenkort stellen wij het nieuwe platform van de VUB, waarvoor al een proefproject loopt, voorlopig onder de werknaam StOEM (Studenten Online Educatief Medium, nvdr.). Er is momenteel een team van experts en professionele informatici bezig om een passende naam voor het platform te zoeken. De uitwerking ervan wordt waarschijnlijk opnieuw aan een jobstudent overgelaten. Het platform zal verschillende functies hebben zoals compatibiliteit van de lessenroosters, meer mobiele mogelijkheden en alle proffen krijgen de mogelijkheid om open brieven naar heel de VUB te sturen.”

Verder overweegt LUI om over te stappen van Windows Vista naar Windows 8 en om niet langer uitsluitend met gratis software te werken. De muizen werden tot voor kort actief bestreden met vallen en gif, maar men is daarmee gestopt nadat verschillende personeelsleden gewond en vergiftigd raakten. Studenten die de hele online rompslomp beu zijn en er niets van snappen kunnen dus best terecht bij LUI of kOTS. Zij geven je dan een zevenduizend pagina’s tellend handboek dat je volledig wegwijs maakt in de ICT-omgeving van de VUB.