Een open brief door een gesloten geest?
Artikel gepubliceerd op 7 december 2015 om 16:52

Een open brief van Simon Lox. Een repliek op de Folklore Academie. 

Sta mij toe, liefste folklore academie, maar ook liefste bange student die zo onbeholpen in het rond aan het roepen is als een beest dat zich gevangen voelt, om enkele argumenten kritisch te bekijken. Sta mij ook toe om mijn mening te geven over ongenuanceerde meningen over ‘angst’.

“Alle studenten die “neen” zeiden aan de angst en bangmakerij. Alle studenten die “ja” zeiden aan de vrijheid.”

Hier een betoog waarom ‘toegeven’ aan angst niet per se “neen” zeggen is aan de vrijheid, en een ‘Waarom het op het spel zetten van mensenlevens uit de mode is’:

Allereerst is een ideaal iets om voor te leven en niet om voor te sterven. Vervolgens is een levende in staat om dit ideaal uit te dragen en vanuit zijn eigen idee van wat goed is iets toe te voegen aan zijn/haar omgeving. Een dode voegt helemaal niets toe. Daarom heb ik ook wat vrees voor al degenen die bereid zijn hun leven op het spel te zetten. Hebben zij alle hoop verloren? Willen ze wel nog werkelijk strijden voor hun ideeën? En is dit een laatste zucht naar roem door als martelaar te sterven? De ware strijders in mijn ogen zijn degenen die alle mogelijke manieren zoeken om hun idealen uit te dragen en toch in leven blijven. Dat is pas een welgemeende ‘FUCK YOU’ naar alle zelfmoordterroristen, want wij hoeven ons dierbaarste bezit -het leven- niet op te geven om duidelijk te maken wat we nu echt willen of denken. Meer zelfs, wij gebruiken onze levenswil om te bedenken. Wij hebben de hoop in onze creativiteit nog niet verloren, we zijn ons bewust van dat krachtige instrument in ons hoofd en gebruiken dit ten volle. Als onze handigheid en vernuft ons naar de ruimte kan brengen dan zal het ook wel in staat zijn om deze problematiek op te lossen. De Ghandipraktijken, waarbij iedereen in een rij stond te wachten tot ze werden afgeschoten in de hoop dat de kolonialen ooit wel eens zouden stoppen, zijn te bewonderen, maar het moet ook bekeken worden in zijn eigen context. Als je niets anders meer hebt dan je eigen leven, is dat ook het enige wat je in de strijd kan gooien. Kijk rondom ons. We leven in zowel materiële als intellectuele overdaad! Laat die angst ons dus niet verblinden, maar gebruik het als drijfveer. Het beste voorbeeld wordt ons geschonken door de ULB in tijden van de Tweede Wereldoorlog. Alle lessen officieel werden afgeschaft voor langere periode, toch verzamelde een paar dappere vrijdenkers zich om les te geven en te krijgen in de kelders van de instelling. Verstopten ze zich? Ja, maar enkel en alleen omdat ze hun waarden niet wilden opgeven. Tot slot kunnen we ons de vraag stellen of  er wel werkelijk een uitzonderlijk gevaar was. Of heeft een opgeblazen collectieve angst, gevoed door de media onze redelijke vermogens begraven? Dit is juist het problematische aan de zaak.

“De publieke ruimte blijft van het publiek. Ook dát is St-V! “Brussel is van ons”. Dat is zo, en dat blijft zo. Niettegenstaande alle pogingen, al enkele jaren lang, om die vieze, vuile studenten uit de stad weg te halen.”

Dit was helemaal geen kwestie van de studenten uit de stad verdrijven. Onze Vice-rector studentenbeleid Mevr. Jonckers heeft persoonlijk de eis gesteld dat volgend jaar alles naar gewoonte moet voortgaan. Op de officiële ceremonie is door de burgemeester zelf bevestigd, dat er tegen deze eis geen enkel bezwaar gemaakt kon worden. Deze woorden werden nogmaals herhaald door de rector op het zangfeest. Degene die na zoveel officiële bevestiging nog twijfelt, geeft blijk last te hebben van verblindende angst om het verliezen van zijn/haar kleine wereldje. 

De vraag stelt zich waarom er zo snel een mening en uitleg werd gevonden omtrent het afgelasten van de studentenstoet. Werden historische context en hedendaagse problematiek zonder scrupules door elkaar gesmeten? Werden de luidst geroepen woorden daardoor voor feiten aangezien?  Hoe kan het in het algemeen dat er zo weinig vragen werden gesteld? Zijn deze aanslagen werkelijk gericht op onze (Westerse) waarden of zijn ze gericht naar ons politieke beleid? Biedt het verlichtingsdenken zelf geen alternatief? Wat zal de reactie zijn op mijn reactie? Waarom reageert iedereen zo snel, terwijl we allemaal weten dat een genuanceerde en beredeneerde reactie veel effectiever is? Waarom denkt iedereen in termen van behouden en afbreken van wat ons aanvalt en niet in termen van het samen bouwen naar een vredevol en duurzaam geheel? Dit zijn vragen die mij hier toch op zijn plaats lijken, maar waar ik te weinig feiten voor ken, om er een volledig antwoord op te geven. Men verwacht toch zeker van academisch publiek dat zulke vragen met gefundeerde argumenten bediscussieerd worden, vooraleer men ten strijde trekt? Maar neen, de traditie stond voor de deur en zoals het kapitalistische en individualistische leven ons gebiedt is tijd een schaars product. We voelden het gezichtsverlies als een gore hete adem in onze nek hijgen. Onze onbekwaamheid tot flexibiliteit deed het stressniveau stijgen tot ongenietbare hoogten. Maar al te vaak hoorde ik: “Het vrije denken zal niet in onze generatie vergaan, we zullen er voor vechten..”. Hier heb ik maar één antwoord: het vrije denken is slechts een symbool en een mogelijke zingeving; het vrije denken sneuvelt als de symbolen die we gebruiken om dit ideaal te uiten, dogmatisch aangehangen worden. Flexibiliteit zonder uw doelen opzij te zetten, getuigt volgens mij van intellectuele superioriteit.

“Neenee, wij houden eraan de mensen te willen bedanken om niet af te zakken naar de Heizel en zich te laten wegsteken in een verre uithoek van het Brusselse.”

Het alternatief van de Heizel was inderdaad onwaardig en overhaast. Daarna heeft de VUB direct haar fouten rechtgezet door samen met de studenten te overleggen wat dan wel een waardig alternatief zou zijn. Hier is uiteindelijk het Grote-Markt-idee uitgekomen, waar iedereen tevreden mee leek te zijn. Geloof me, het vraagt evenveel kloten om je bloot te stellen aan het gevaar van terreur als het naar voren schuiven van een alternatief voor een traditie als St-V. Dit omdat de steeds conservatievere Vlaamsche student even gebrand is op zijn tradities als een terrorist. Sterker nog, de tradities worden maar al te vaak even verkeerd geïnterpreteerd als de extremist die de Koran letterlijk opvat en daarna beweert daarmee de Islam te verstaan.

“Zelden was het contact met de politie zo aangenaam.”

Het feit dat het verbroederen met de politie op St-V nog niet eerder gebeurd is, is inderdaad een  jammerlijke zaak. Het geeft wel hoop dat een cultuur van verbroedering de bovenhand neemt in tijden als deze. Of is deze vriendschappelijkheid naar de beschermende macht toch een blijk van angst voor een ‘gemeenschappelijke vijand’? Een angst waar juist zo tegen gepleit wordt…

“Een beetje als de Aalsterse burgemeester die maar al te graag komt meedoen met de Voil’ Jeanetten.”

Wat een staaltje naïviteit. De Aalsterse burgemeester staat daar, omdat hij anders volgend jaar niet verkozen wordt. Even politieke redenen dus als er in het artikel naar voren geschoven worden. En plus lijkt mij dit een volledig onzinnige vergelijking als men kijkt naar oorsprong en redenen voor beide festiviteiten.

Om af te sluiten zal ik niet in dezelfde  val lopen als degene die enkel met grote woorden becommentarieert, maar weinig innovatief alternatief naar voren schuift. Wat is dus een juiste reactie op terrorisme en extreem gedachtengoed? Het antwoord hierop is natuurlijk mijn persoonlijke mening en is discussieerbaar (liefst zelfs, want dialoog is al één deel van de oplossing, me dunkt). Het lijkt me dat er genoeg manieren zijn om onze waarden te beschermen, zonder dat we moeten vrezen voor ons leven, zoals het durven contact maken met degenen die we als anders en gevaarlijk beschouwen. Durf u af te vragen welke waarden we delen. Vervolgens, Kunst! Kunst in al haar vormen; om de mensen wakker en scherp te houden, maar ook om als basis voor een debat te dienen. Toon ook wat menselijkheid en vriendelijkheid. Jezus bood na de eerste klap ook zijn andere wang aan. Een minder christelijk voorbeeld dan:  Montaigne stelt dat onverstoorbare vriendelijkheid een teken van wijsheid is. Tenslotte is educatie een basis, wat voor een soort mens je ook bent. Het leren funderen van je argumenten, maar misschien nog belangrijker het leren luisteren naar anderen. Het op filosofische hoogten trachten zich in te leven in een ander zijn argumenten zijn de bouwstenen van een verdraagzame en intellectuele maatschappij. Misschien zouden we ons prioriteiten daarop moeten leggen, in plaats van op een vijand die we zelf creëren.

Om te besluiten een aanvulling aan de leuze van de VUB; naast wetenschap, brengt ook schoonheid, vriendschap en verdraagzaamheid licht in de duisternis. Laten we met onze wil tot leven, vrij van dwang, geen tweedracht, maar broederlijkheid zaaien. 

Hartelijk dank om deze woorden toch ten minste te lezen. 

Vriendelijke, vrijzinnige en vurige groeten,
Simon Lox
(Dank aan studiekring Vrij Onderzoek en in het bijzonder Nino Junius voor hun Kritische reflecties.)