Peter Gülke dirigeert conservatoriumstudenten tijdens veelbelovend concert
Artikel gepubliceerd op 17 november 2014 om 18:34

Het studentenorkest van het Koninklijk Conservatorium Brussel kruist in december de degens met Brahms, Mendelssohn en Strauss. En u? U moet daar absoluut bij zijn.

Het orkest begint met Die Hebriden, een concertouverture van Felix Mendelssohn, gevolgd door het Hoboconcert van Richard Strauss. Na de pauze staat de veel (te veel) gespeelde Symphonie Nr.2 van Johannes Brahms op het programma.
Populaire keuzes, inderdaad, maar de selectie heeft er natuurlijk ook alles mee te maken dat het Conservatorium de studenten deze zeer bekende parels wil leren spelen. Om dezelfde reden wil het een ervaren dirigent die de studenten optimaal kan begeleiden. De  dirigent is deze keer zelfs een echte publiekstrekker: de stokoude Duitser Peter Gülke (80). Het wordt hoe dan ook een bijzonder schouwspel om deze maestro nog een keer aan het werk te zien.

Voor kenners en leken

Die Hebriden schreef Felix Mendelssohn in 1830 naar aanleiding van zijn reis door Engeland en Schotland. Na een bezoek aan het Hebrideneiland Staffa, aan de westkust van Schotland, was hij dermate geïnspireerd door de grotten en het Schotste landschap dat hij, nog zeeziek van de wilde zee, onmiddellijk begon te componeren. Je kunt het onrustige schip dan ook duidelijk horen. Hij neemt je werkelijk mee naar Schotland. Niet voor niets verklaarde Brahms in 1874: “Alle meine Werke gäbe ich drum, wenn ich eine Ouvertüre wie die Hebriden von Mendelssohn hätte schreiben können.”

Johannes Brahms had op dat moment zijn tweede symfonie nog niet geschreven. Drie jaar later componeerde hij die in slechts enkele maanden en het behoorde al snel tot het standaardrepertoire van vele orkesten. Men loofde het werk onmiddellijk. De bekende muziekcriticus Eduard Hanslick schreef enkele dagen na de première dat “het als de zon verwarmend schijnt op zowel kenners als leken.” “Das ist ja lauter blauer Himmel, Quellenrieseln, Sonnenschein und kühler grüner Schatten!”, schreef Theodor Billroth, die andere getrouwe van de Duitse componist, aan Brahms. Brahms zelf was natuurlijk verheugd over het succes van zijn werk, maar sprak vreemd genoeg altijd over deze symphonie als een van zijn treurigste werken. Mede deze dualiteit maakt het tot een absoluut hoogtepunt in het genre van de symphonie.

Oorlogsmuziek
Net zo geliefd door het optimistisch voorkomen bij het grote publiek is het Hoboconcert van Richard Strauss. Hij schreef het in 1945 na afloop van de Tweede Wereldoorlog op 81-jarige leeftijd. Tijdens de oorlog werd hij verrast door de sympathie van de geallieerde bezetters, die hij als zeer welwillend omschreef. Bovendien behandelden ze hem met veel respect. Een jonge Amerikaanse soldaat en hoboïst, de 24-jarige John Delancie, bezocht Strauss in zijn villa in Garmisch. Hij kende Strauss’ muziek door en door van de orkestpartijen die hij al dikwijls gespeeld had. Tijdens een lang en gemoedelijk gesprek vroeg hij Strauss of hij ooit overwogen had om een hoboconcert te schrijven. Strauss antwoordde ontkennend.


Hoewel het bij dit korte gesprek bleef, zette het Strauss wel aan het denken. Een jaar later was Delancie overdonderd toen hij zag dat Strauss een hoboconcert gepubliceerd had. Delancie speelde het zelf ruim dertig jaar later aan het einde van zijn carrière, nadat Strauss zich er wel degelijk voor had ingezet opdat Delancie de Amerikaanse première mocht spelen.

Ondanks de pure ellende waarin Europa vlak na de oorlog verkeerde, is het een opvallend optimistisch werk waarin Strauss teruggrijpt naar een vroegromantisch idioom in een periode die men vaak zijn Indian summer noemt. De stokoude meester laat niks of misschien wel alles aan de verbeelding over. Een man die alles gezien en meegemaakt heeft schrijft zo, enkele jaren voor zijn dood, een van de heerlijkste concerten aller tijden. De oprechtheid en puurheid zijn buiten- gewoon. Als iemand de essentie van muziek heeft benaderd, dan is het deze Strauss met dit hoboconcert.

Hoboïste Frauke Elsen zal soleren met het conservatoriumorkest onder leiding van Peter Gülke op donderdag 11 december om 20 uur in de grote zaal van het conservatorium. Adres: Regentschapsstraat 30, ingang rech-tervleugel. 
Toegang voor studenten is slechts vijf euro op vertoon van de studentenkaart. De normaalprijs bedraagt tien euro.